Na de laatste stembusgang werden de stemmen geteld. Er is een meerderheid nodig van 50%+1 om de cao 2025-2026 goed te keuren.
|
Arbeiders |
arb % |
Bedienden |
bed % |
Arb+Bed |
UITSLAG % |
| Aantal |
194 |
78,86 % |
52 |
21,14 % |
246 |
100 % |
| JA |
64 |
32,99 % |
36 |
69,23 % |
100 |
40,65 % |
| NEE |
130 |
67,01 % |
16 |
30,77 % |
146 |
59,35 % |
Bijgevolg wordt protocol cao 2025-2026 voor de 2de keer weggestemd.
Beste collega’s,
Een meerderheid onder jullie heeft andermaal het door ons onderhandelde CAO-voorstel als onvoldoende beoordeeld. Dit kwam voor ons niet helemaal als onverwacht aangezien wij de laatste tijd heel wat signalen van collega’s op de werkvloer opvingen. Die signalen verdienen het om ernstig genomen te worden.
Bij de medewerkers in sortings blijft de ontevredenheid groot. Zij werken dagelijks in moeilijke omstandigheden: vuil, stof, meer werkuren en tegelijk minder voordelen dan andere medewerkers op SEL. Dat verschil blijft zwaar doorwegen en zorgt voor frustratie. Wij hebben in de onderhandeling andermaal een verbetering voor deze groep bekomen, maar de vooruitgang is blijkbaar niet voldoende om het overwicht te krijgen op de frustratie.
Ook in productie en dagonderhoud leeft het gevoel dat ervaring en inzet onvoldoende gewaardeerd worden. In dagonderhoud ziet de leiding liever een specialist met pensioen gaan dan dat er een beperkte toegeving gebeurt rond de uitstap in de piketregeling. Dat komt hard binnen bij mensen die jarenlang flexibiliteit hebben getoond.
Die flexibiliteit wordt trouwens vaak als vanzelfsprekend beschouwd. Wij bekwamen reeds een eerste erkenning via de eindejaarspremie op overuren, maar merken dat de beperking voor 1 jaar en het lager tarief als onvoldoende wordt ervaren.
Ook de regeling rond de drie leeftijdsdagen vanaf 63 jaar roept vragen op. In de praktijk zullen weinig mensen daar echt gebruik van maken. Zeker ploegwerkers en medewerkers in piket willen vaak vertrekken zodra ze daar de kans toe krijgen. Mensen die jarenlang in wisselende ploegen hebben gewerkt, zijn op. Daarom leeft sterk het gevoel dat die leeftijdsgrens gerust lager mag liggen.
Daarnaast blijft de boodschap “er is geen geld” moeilijk te begrijpen. Er blijkt wel budget te zijn om (onterechte) ontslagen uit te betalen, maar niet voor extra inspanningen voor medewerkers die hun sociaal leven opofferen door in weekends, ploegen of lange werkdagen te werken. Dat bepaalde kosten boekhoudkundig in een andere kolom staan, verandert niets aan hoe dit op de werkvloer wordt ervaren: geld dat uitgegeven wordt, is geld dat niet ingezet wordt om het werk werkbaarder te maken.
Rond de ontslagen leeft bovendien veel onbegrip. Misschien is het tijd dat de directie fouten erkent en rechtzet. Dat zou pas een sterk signaal van respect zijn en opnieuw vertrouwen kunnen geven aan het personeel. Want veel collega’s vragen zich af waarom ze zich nog maximaal zouden inzetten, als zelfs je best doen geen garantie biedt om hier te kunnen blijven werken.
En dat communicatie sneller, duidelijker en beter moet, weet ondertussen iedereen. De recente beslissingen zorgen voor onzekerheid en onrust op de werkvloer. Sommige medewerkers geven zelfs aan dat ze overwegen om te vertrekken.
Wij hopen vooral dat er snel beterschap komt. Dat medewerkers opnieuw perspectief krijgen, en dat er opnieuw keuzes worden gemaakt die tonen dat inzet, ervaring en engagement wél gewaardeerd worden.
Wij verwachten na deze stemming een nieuwe uitnodiging van de directie aan de vakbonden om in gesprek te gaan en zullen daar uiteraard op ingaan om de dialoog constructief te blijven aangaan.
Stephan & Wim,
De ABVV-syndicaal-afgevaardigden.